Molenhuisje
Ooit stond hier een watermolen. Geen papiermolen, zoals u hiernaast ziet, maar een korenmolen. Daar werd rogge gemalen, waarvan de mensen hun dagelijks brood bakten.
Het water kwam uit een grote molenkolk en viel van boven op het molenrad. Zo'n molen noemen we een bovenslagmolen. De kracht van het vallende water zette het rad in beweging, en daarmee de zware molenstenen.
Deze molen stond bekend als de voorste molen. Er was namelijk ook een achterste molen, bij de huidige vijvers achter het Commanderieplein. Beide hoorden bij het kasteel dat hier vroeger stond.
En dat kasteel had behoorlijk wat macht.
De boeren die grond van het kasteel pachtten, mochten hun rogge niet zomaar laten malen waar ze wilden. Ze moesten naar een van deze twee molens. Ook al was de vrije molen in de stad goedkoper. Dat noemde men een dwangmolen.
Wie vroeg opstond, had daarbij een voordeel. Want de boer die als eerste met zijn graan bij de molen aankwam, werd ook als eerste geholpen.
Vandaar het bekende gezegde: Wie het eerst komt, het eerst maalt.
In 1810 verkocht de drost het woonhuis. Veel later, in 1960, kwam het in handen van de gemeente. De korenmolen zelf was toen allang verdwenen. Die werd rond 1860 afgebroken.
Van het vroegere kasteelcomplex en het bijbehorende landgoed is dit kleine molenhuisje als enige gebouw overgebleven.
Een bescheiden huisje dus. Maar met een geschiedenis die veel groter is dan het gebouw zelf.

Luister en lees
Papiermolen

Bekijk de de film
Papierscheppen

Bekijk de de film

