Welkom bij het Openluchtmuseum Ootmarsum. Om makkelijk uw weg te vinden op het terrein van ons museum,
kunt u gebruik maken van deze pagina op onze website. U vindt hier een plattegrond met daarop afbeeldingen van de 21 gebouwen.
Door te klikken op een gebouw, wordt er een beschrijving van het gebouw getoond die u desgewenst ook kunt afspelen.
Onder elke beschrijving staan meestal nog enkele aanklikbare kleine foto's. Aanvullende verhalen en filmpjes worden dan afgespeeld.
Uw huidige lokatie op het terrein wordt weergegeven met een blauwe cirkel. Door de vele bomen op ons terrein is er vaak een flinke afwijking in de GPS.
Hoe groter de afwijking, hoe groter de blauwe cirkel. Als de aanwijzing nauwkeurig genoeg is en u bent dicht in de buurt van een van de gebouwen, dan wordt het betreffende gebouw geselecteerd. De bijbehorende tekst wordt voorgelezen. Bij de instellingen kunt u aangeven wat uw voorkeuren zijn.
Bij de meeste gebouwen wordt een looproute voorgesteld om naar het volgende gebouw te wandelen, uiteraard is dit slechts een suggestie.
Deze pagina heeft alleen de volledige functionaliteit als u op het museumterrein bent. Na uw bezoek kunt u thuis alle verhalen gedurende een week nog eens rustig nalezen.
Uw locatie is nog onbekend
Scan deze QR-code bij de andere smart-phones in uw gezelschap. Tip: Wilt u de Wegwijzer tijdens uw bezoek gemakkelijk terugvinden? Zet hem dan op uw beginscherm.
Leu, kom d'rin, dan kuj d'roet kieken!
Of, voor wie het Twents nog niet helemaal machtig is: mensen, kom binnen, dan kun je naar buiten kijken!
Welkom in het Openluchtmuseum Ootmarsum. Een museum waar je niet alleen naar oude gebouwen kijkt, maar waar achter iedere deur een verhaal schuilgaat. Over de mensen die hier woonden, hoe ze werkten, wat ze aten en hoe ze sliepen. Over hun gewoonten, hun geloof, hun taal en hun dagelijks bestaan.
Het zijn verhalen over boeren en burgers, over ridders en baronnen, over bisschoppen en bestuurders. Over armoede en rijkdom, over oorlog en vrede. Maar ook over heel gewone dingen. Hoe bakte je vroeger brood? Waar sliep je als je met twaalf kinderen in een kleine boerderij woonde? En waarom had een boer eigenlijk zoveel verschillende schuren nodig?
Dit is het verhaal van Twente. Het land van de oude Tubanten. Het land van Heeren en Boeren. Een streek waar het leven eeuwenlang werd bepaald door de landbouw, maar waar ook handel, ambachten en later de textielindustrie hun sporen hebben achtergelaten.
En dan is er natuurlijk de taal. Want in Twente sprak men niet zomaar Nederlands. Hier sprak men Twents, een variant van het Nedersaksisch. Een taal die niet alleen in Oost-Nederland wordt gesproken, maar verwant is aan de streektalen in een groot deel van Noord-Duitsland. In de middeleeuwen speelde het Middelnederduits zelfs een belangrijke rol als handels- en schrijftaal van de Hanze.
Het Nedersaksisch is tegenwoordig officieel erkend als regionale taal. Maar het aantal mensen dat het dagelijks spreekt, neemt af. Vooral onder jongeren. Gelukkig groeit ook de belangstelling weer. Want met een taal verdwijnen niet alleen woorden, maar ook verhalen, humor en een heel eigen manier om naar de wereld te kijken.
Neem nou het woord gieteling. Dat is gewoon een merel. En een kateeker? Dat is een eekhoorntje. Misschien zie je er straks wel eentje tussen de bomen. En als je onderweg iemand good goan hoort zeggen, dan wenst die je een goede reis. Ook al hoef je vandaag niet zo ver.
In dit museum ontdek je hoe onze voorouders leefden. Niet alleen door te kijken, maar ook door te luisteren. Bij de gebouwen vind je verhalen en filmpjes die je meenemen naar het Twente van vroeger. Soms leerzaam, soms verrassend en af en toe met een glimlach.
Want geschiedenis hoeft niet stoffig te zijn. Het gaat uiteindelijk over mensen zoals wij. Mensen die liefhadden, ruzie maakten, hard werkten, feestvierden en probeerden er het beste van te maken. Alleen hadden ze wat minder gemak dan wij tegenwoordig.
Dus neem rustig de tijd. Wandel over het terrein, kijk eens binnen in de oude gebouwen en ontdek de verhalen die hier bewaard zijn gebleven.
En wie weet begrijp je na afloop niet alleen wat beter hoe onze voorouders leefden, maar ook waarom wij Twentenaren zijn zoals we zijn. Leu, vul plezeer. En good goan!
Een mooie beleving van de historie van Twente
Luister en lees
Een mooie beleving van de historie van Twente
Het Openluchtmuseum Ootmarsum heeft als ondertitel ‘Land van Heeren en Boeren’. Het museum geeft een beeld hoe de mensen in Twente tweehonderd jaar geleden leefden. De boeren, die vaak als pachter een stoer, armoedig en eenzaam bestaan hadden, maar ook de ‘Heeren’, die aangesteld waren de bezittingen te beheren. In Ootmarsum waren veel ‘hoge Heeren’: de Hofmeier, die in naam van de bisschop meer dan 100 boerderijen moest beheren, de Drost van Twente, die door de stadhouder was aangesteld en die mocht rechtspreken en belasting innen en de Commandeur, die woonde op de verdwenen Commanderie Ootmarsum, een klooster van de Ridderlijke Duits Orde.
Het woonhuis van de laatste Drost van Twente kan worden bezocht, in het museumpark is een expositie over de Hofmeiers te zien en er wordt gewerkt aan een expositie over de Commanderie van Ootmarsum.
En de boeren? Wel, “De boer hij ploegde voort…..” .
Het grootste deel van het museumpark toont hoe de boeren vroeger leefden. Dicht bij de natuur, sober, zelfvoorzienend en ambachtelijk. Land bewerken, wonen, veeteelt, tradities, kleding, gereedschappen en vaardigheden zoals weven, spinnen, houtbewer¬king, smeden, etc., het komt allemaal voorbij. Het is natuurlijk aardig om de bijgaande teksten van de audiotours nog eens na te lezen, maar het is natuur¬lijk veel spannender nog eens terug te komen en je onder te dompelen in het landleven van het Twente van tweehonderd jaar geleden.
Het museum is als een verhaal
Luister en lees
Het museum is als een verhaal
“Leu , kom d’rin dan kuj d’roet kieken.” Mensen wees welkom, kom binnen dan kun je naar buiten kijken.
Het museum is als een verhaal. Een verhaal over mensen; over waar en hoe ze woonden wat hen bezighield, wat ze aten, hoe ze sliepen, hun gewoonten en ambachten, over taal en over gebruiken , over geloof, over armoede, strijd en rijkdom, van oorlog en vrede.
Dit verhaal gaat over ridders, goastokken, noabers, baronnen, burgers en bisschoppen . Over textiel, over landbouw, geveltekens en klöpkes. Over bestuur en over ontwikkeling.
En dat alles ter lering en vermaak. Opdat we weten wie we zijn en waar we vandaan komen, wat ons beweegt en misschien zelfs waarom.
Dit museum vertelt het verhaal van deze regio. Het land van de Tubanti, Twente : het land van Heeren en Boeren.
Het plaatselijk dialect is een variant van het Nedersaksisch. Het Nedersaksisch is een officieel erkende streektaal . Het taalgebied omvat geheel Noord Duitsland tot de Poolse en over de Deense grens. In Nederland wordt Nedersaksisch gesproken in Groningen, Drenthe, Overijssel, zuid Friesland, de Veluwe en in de Achterhoek. In de middeleeuwen was het Nedersaksisch een zeer prominente taal het was de officiële voertaal van de Hanze. Als taal wordt het Nedersaksisch erg bedreigd. Nog slechts 25 procent van de volwassenen en 4 procent van hun kinderen, in het taalgebied spreekt Nedersaksisch.
De laatste jaren is er weer meer waardering en interesse in de taal. Het succes van de regio soap Van Jonge Leu en Oale Groond is daar een voorbeeld van.
Oh, ja een ‘ gieteling’ is een merel en als u geluk heeft ziet u misschien een ‘kateeker’ (een eekhoorntje).
Goodgoan
Luister en lees
Goodgoan
“Volle geluk in ’n tuk” zegt men hier vaak wanneer je weggaat. We hopen dat deze reis door de vroegere tijden van de Heeren en de boeren in Twente niet alleen een plezierige tocht was, maar ook bezinning heeft gebracht.
In het Twenteland van nu is nog steeds de aard van de stoere noeste werker met een nuchtere levensopvatting te bespeuren. Hier hebt ze “ tied zat”. Onthaasten en jezelf zijn is voor veel stress een goeie medicijn.
We hopen u nog eens in het Land van Heeren en Boeren te mogen begroeten en zeggen voor nu :